Probleem op deze pagina?

Resultaat en effectmetingmethode voor Competentiepolen TETRA Collectief en Landbouw Onderzoek

Recentste versie: 4
U ziet versie 4 (Vorige versie)

Doelstelling van deze studie was de ontwikkeling van een resultaat- en effectmetingmethode die toelaat om de resultaten en effecten van de werking van Competentiepolen (CP), Technologietransfer (TETRA) en Collectief / Landbouw Onderzoek (VIS-CO en LO) te meten en op te volgen.

In eerste instantie voor de projetuitvoerders zelf om hun werking beter te kunnen opvolgen (monitoring), in tweede instantie voor het IWT om de meerwaarde van zijn programma’s te kunnen beoordelen en bij te sturen waar en wanneer nodig.

Deze studie had dan ook tot doel een om een generieke set van parameters te ontwikkelen om de relevante resultaten en effecten van de verschillende types van de eerdergenoemde programma’s te registeren.

In eerste instantie ligt hierbij de focus op het programma CP, maar er wordt ook voldoende aandacht besteed aan de programma’s TETRA en CO/LO. De nadruk bij de methodiekontwikkeling lag op het proces en de ondersteuning van dit proces.

Het ontwikkelde meetkader biedt een basis voor de meting van effecten met betrekking tot de werking van CP, en van projecten TETRA en CO/LO. Het gaat hierbij vooral om een ‘ondersteunend’ en niet om een ‘voorschrijvend’ meetkader. Het meetkader is zo opgebouwd dat de benodigde ‘kapstokken’ worden aanreikt aan de projectuitvoerders om samen met het IWT te komen tot de best mogelijke selectie van relevante effecten en hun meetwijze. Overige uitgangspunten bij het ontwikkelde meetkader waren de volgende: • Het meetkader richt zich op gerealiseerde effecten. De centrale vraag is dan ook “welke meerwaarde werd er werkelijk gecreëerd?”. • Het meetkader richt zich hoofdzakelijk op het opvolgen en meten van meerwaardecreatie bij de ‘ontvangers’ (de bedrijven) en in mindere mate op de meerwaardecreatie bij de ‘aanbieders’ (bijv. de hogescholen). • Het meetkader laat een bottom-up aanpak toe, waardoor de eigenheden van de diverse projecten uit verschillend sectoren volledig in rekening kunnen worden genomen. • Het meetkader reikt een serie ‘blauwdrukken’ aan waarmee verder aan de slag kan worden gegaan door de projectuitvoerders. • Het meetkader reikt een beperkte set van indicatoren aan waarmee geselecteerde effecten gemeten kunnen worden (een ‘pick list’). • Het meetkader bevat suggesties over hoe de geselecteerde effecten in de praktijk gemeten kunnen worden en hoe deze gerapporteerd kunnen worden. • Het meetkader houdt rekening, in de mate van het mogelijke, met bestaande en al ingeburgerde meetmethodieken (RAP, TIS/TD etc.) waardoor de bijkomende administratieve lasten beperkt kunnen worden.

De resultaten van de studie werden tijdens een workshop op 22 november 2010 voorgesteld. De bijhorende documenten vindt men in bijlage.

Meer informatie: Eric Sleeckx, esl@iwt.be

Bijlagen:

eindrapport

presentatie

Sleutelwoorden

Categorieën

Meten is weten / Studies